Nieuws |
Lidmaatschap - aanmelding/opzegging |
Voordelen NVAF
Lidmaatschap - aanmelding/opzegging
Profiel |
Innovatie
zoek
LEDEN
LINKS
BEGRIPPENLIJST
DOWNLOADS
ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN
ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN
INCIDENTENRAPPORTAGE
ARBOCATALOGUS
OPSTELLINGSKEURING ALTIJD UITVOEREN
CONTACT
NVAF WERKGROEPEN
OPLEIDINGEN
ALGEMENE VOORWAARDEN
 
 
Welkom op onze website    Agenda

    terug
Meten en monitoren bij bouwputten



“Richtlijn kan veel problemen voorkomen”
Dat stelt Leo Mosselman. Hij is voorzitter van de CUR B&I Commissie H416 die de richtlijn ‘Meten en monitoren bij bouwputten’ heeft opgesteld. Volgens hem is het belangrijk dat bouwpartijen de richtlijn gaan hanteren. Hij ziet een cruciale rol weggelegd voor opdrachtgevers.

Met bouwputten gaat het nogal eens mis. Denk aan de Haagse Tramtunnel en de bouwput aan de Amsterdamse Vijzelgracht, waarbij schade ontstond aan de aangrenzende panden.

Hoge faalkosten
“Voor Delft Cluster waren de hoge faalkosten waarmee veel bouwputten gepaard gaan reden om onderzoek te doen naar monitoring als instrument voor risicomanagement bij de aanleg van bouwputten”, vertelt Mosselman. “Uiteindelijk heeft dat onderzoek geleid tot een CUR (ontwerp)richtlijn. Bij de start van dit onderzoeksproject werkte ik bij Visser & Smit Bouw en was ik vice-voorzitter van de NVAF, de Nederlandse Vereniging Aannemers Funderingswerken. Vanuit die rol ben ik toentertijd gevraagd de commissie voor te zitten. Nadat ik met pensioen ging, ben ik hiermee doorgegaan.”

Coördinator
“Als commissie hebben we alle beschikbare technieken voor het maken van bouwputten in kaart gebracht, gekeken met welke risico’s deze technieken gepaard gaan en geïnventariseerd welke monitoringtechnieken voor handen zijn. Daarnaast hebben we een stappenplan ontwikkeld voor het opstellen van een monitoringplan en aanbevelingen opgesteld hoe monitoring organisatorisch en contractueel in het bouwproces kan worden ingebed. Zo adviseren we een monitoringcoördinator aan te stellen die gedurende het hele bouwproces overzicht heeft over alle monitoringactiviteiten. Op die manier voorkom je versnippering en verklein je de kans dat iets over het hoofd wordt gezien. De coördinator is verantwoordelijk voor de organisatie van de metingen en de communicatie van resultaten en moet zorgen dat bij overschrijding van vooraf vastgestelde grenswaarden direct beslissingen worden genomen.”

Concrete werkplannen
“Een andere aanbeveling is dat een opdrachtnemer het monitoringplan vertaalt naar concrete werkplannen. Daarin moet staan hoe hij de techniek uitvoert, op welke aspecten hij gaat meten en monitoren, welke signalen er op wijzen dat iets niet goed gaat en wat er dan moet worden gedaan. Dit alles moet op een zodanige manier worden opgeschreven dat ook de mensen op de werkvloer het begrijpen. Monitoring als instrument voor risicobeheersing werkt namelijk alleen als iedereen op de bouwplaats weet wat hij moet doen, weet waarop hij moet letten en zijn verantwoordelijkheid neemt.”

Panacee
“Natuurlijk is een richtlijn geen panacee voor alle kwalen. Sterker nog, als het document op de plank blijft liggen verandert er niks. Het is dus van groot belang dat de richtlijn daadwerkelijk wordt gevolgd. Ik ben ervan overtuigd dat dan veel problemen kunnen worden voorkomen. Toen we bijna klaar waren hebben we de richtlijn getoetst bij twee werken in uitvoering. Daarbij bleek dat het document een uitstekend hulpmiddel is om de monitoring goed vorm te geven. Ik hoop dan ook dat partijen ermee aan de slag gaan. Wat dat betreft zie ik een belangrijke rol voor opdrachtgevers weggelegd. Als zij gaan eisen dat opdrachtnemers de richtlijn moeten volgen, zijn we een heel eind in de goede richting. Dat betekent ook dat ze bereid moeten zijn om te betalen voor monitoring en risicobeheersing. Maar zeg nou zelf, je kunt toch beter zes ton in plaats van vijf ton betalen als je daarmee kunt voorkomen dat het achteraf 1,2 miljoen gaat kosten?”
 
Mentaliteitsverandering
Hoewel hij optimistisch is, ziet Mosselman nog wel een beer op de weg: “De huidige bouwpraktijk kenmerkt zich door sterke fragmentering. Naast de opdrachtgever en hoofdaannemer zijn er allerlei onderaannemers en adviseurs. Al die verschillende partijen gaan elkaar zitten aankijken als er wat fout gaat en niemand neemt zijn verantwoordelijkheid. Dat moet veranderen. Een richtlijn lost dat probleem niet op. Er is een mentaliteitsverandering nodig. Bouwers moeten niet langer denken ‘ik zie wel waar het schip strandt’ maar de intentie hebben om iets te maken zonder fouten. Verder zou ik graag zien dat de ontwerper weer terugkeert op de bouwplaats, zodat hij kan zien of het werk wordt uitgevoerd zoals hij het heeft ontworpen.”

Meer informatie
Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Ad Verweij, telefoon 088 - 335 72 26.

   
terug
   
 


Donderdag 19 september 2013
Beton en funderingen
Gebouw Westraven Utrecht

Dinsdag 5 november 2013
Geotechniekdag
Chassé Theater, Breda

Woensdag 6 november 2013
Algemene ledenvergadering
Bouw & Infra Park, Harderwijk

Woensdag 27 november 2013
Themabijeenkomst
Bouw & Infra Park, Harderwijk



 

 
  
 
afdrukkenmail page